Arbeidsongevallen en beroepszieken

Financiering
Algemene regel: Systeem gefinancierd middels verzekeringspremies (ten laste van de werkgever) met overheidssubsidie

Verzekeringspremies: de percentages zijn afhankelijk van het risico voor de diverse beroepscategorieën en variëren van 0,5% tot 16,0%. Uitsluitend ten laste van de werkgever

Overheidsbijdrage: geen overheidsbijdrage

Wetgeving
Arbeidsongevallen en beroepsziekten
Overheidsverordening n. 1124 van 30 juni 1965
Wet n. 251 van 10 mei 1982
Beroepsziekten in de industriële en de landbouwsector
Overheidsverordening n. 336 van 13 april 1994
Ongevallen in de privé-sfeer
Wet n. 493 van 3 december 1999

Grondslagen
Systeem van verplichte sociale verzekering voor werknemers in loondienst en een aantal categorieën zelfstandigen, gefinancierd middels heffingen, met inkomensafhankelijke uitkeringen in natura en in geld.

Toepassingsgebied
Werknemers in loondienst en een aantal categorieën zelfstandigen
Personen die in de privé-sfeer werken zonder vergoeding

Gedekt risico
Arbeidsongevallen: ongevallen met letsel, die zich voordoen tijdens de uitvoering en ten behoeve van de vervulling van de arbeidsovereenkomst. Tevens zijn gedekt de ongelukken woon-werkverkeer, ofwel ongevallen die zich voordoen op de weg naar en van het werk.
Beroepsziekten: gemengd systeem. Voor de industriële en de landbouwsector bestaat een officiële lijst met 58 beroepsziekten. Voor de niet op de lijst vermelde ziekten kan vergoeding worden gevraagd.

Voorwaarden
Arbeidsongevallen
Consolidatietermijn: 4 dagen na het ongeval
Termijn van aangifte: 3 jaar (verjaringstermijn)
Beroepsziekten:
Consolidatietermijn: volgens de prognoses van de officiële lijst, maar minimaal 6 maanden
Termijn van aangifte: 3 jaar (verjaringstermijn)

Uitkeringen
Tijdelijke ongeschiktheid
Medische verzorging : vrije keuze van arts en ziekenhuis. Is een ziekenhuis in de buurt, dan verzekert het Nationaal Instituut voor de Verzekering tegen Arbeidsongevallen INAIL de eerste behandelingen, zo niet, dan dient men zich te wenden tot de Nationale Gezondheidsdienst SSN
Duur: voor onbepaalde tijd voor alle in Italië wonende staatsburgers; voor buitenlanders is de duur gelijk aan die van de verblijfsvergunning

Uitkeringen in geld
De eerste 4 dagen wordt de uitkering betaald door de werkgever (100% voor de dag van het ongeval en 60% voor de volgende 3 dagen).Vanaf de 4de dag keert het Nationaal Instituut voor de Verzekering tegen Arbeidsongevallen INAIL gedurende 90 dagen 60% en vanaf de 91ste dag 75% van het dagloon uit
De duur van de uitkeringen is voor onbepaalde tijd, tot het moment van volledig herstel.

Blijvende ongeschiktheid
Om aanspraak te kunnen maken op schadeloosstelling is het minimum ongeschiktheidspercentage bij
arbeidsongeval vòòr 27.07.2000: 11%
arbeidssongeval nà 27.07.2000:
• < 6 %: geen enkele schadeloosstelling
• 6%-15%: eenmalige uitkering voor “biologische schade ”, geen uitkering voor inkomstenderving
• 16%-100%: schadeloosstelling voor “biologische schade” bestaande uit een eenmalige uitkering en een uitkering voor inkomstenderving
Er is geen minimum percentage in geval van silicose.

Bepalen van het ongeschiktheidspercentage: De artsen van het Nationaal Instituut voor de Verzekering tegen Arbeidsongevallen INAIL stellen het arbeidsongeschiktheidspercentage vast aan de hand van drie lijsten: “biologische schade”, verzwakking en inkomstenderving meer dan 16%

Herziening ongeschiktheidspercentage: mogelijk ieder jaar gedurende de eerste 4 jaar, daarna iedere drie jaar. Geen herziening meer na 10 jaar

Basisloon voor de berekening van de uitkering: het referentieloon is gelijk aan het effectieve jaarloon in het jaar vòòr het ongeval of het intreden van de beroepsziekte.

Industriële sector: min. € 12.608,40; max. € 23.415,60
Agrarische sector: voor werknemers met contract voor onbepaalde tijd is de dagvergoeding € 35,54; voor werknemers met contract voor bepaalde tijd wordt het bedrag per provincie vastgesteld. Voor zelfstandigen is het € 39,94 per dag

Berekeningscriteria:
Formule: R beperkt x o (R= referentieloon; o=ongeschiktheidspercentage)

Toeslagen: 5%-toeslag voor de echtgeno(o)t(e) en voor ieder kind ten laste. Bij totale blijvende arbeidsongeschiktheid bestaat recht op een vergoeding van € 415,13 per maand voor hulp door een derde persoon.

Afkoop: mogelijk, op verzoek van het slachtoffer, tot maximaal een derde van het kapitaal (op lijfrenten van ten minste 16% ongeschiktheid)
Bijzondere bepalingen voor bepaalde lijfrenten.
Verplichte kapitaalvorming indien na 10 jaar (arbeidsongeval) of 15 jaar (beroepsziekte) het arbeidsongeschiktheidspercentage nog steeds ligt tussen 11 en 15%.

Overlijden
Nabestaande echtgeno(o)t(e): weduwe of weduwnaar: 50% van de lijfrente

Wezen:
Halfwezen: 20% van de lijfrente voor elke wees
Volle wees: 40% van de lijfrente voor elke wees
Lijfrente wordt uitgekeerd tot 18 jaar (schoolgaande kinderen tot 21 jaar; studenten aan de universiteit tot 26 jaar)

Familieleden ten laste
Broers, zussen, kleinkinderen: 20% van de lijfrente, mits geen andere rechthebbenden

Maximum voor alle rechthebbenden samen: R x 100%

Kapitaal bij overlijden: forfaitair bedrag van € 1.663,34

Indexatie
Automatische indexatie gekoppeld aan de salariswijzigingen in de industriële sector

Bijtelling
Inkomsten uit arbeid: toegestaan
Bijtelling bij andere pensioenen: cumulatie van de gewone arbeidsongeschiktheidsuitkering, lijfrente na arbeidsongeval (indien uitgekeerd voor dezelfde arbeidsongeschiktheid) en ouderdomspensioen is niet toegestaan.
Cumulatie is wel toegestaan voor het overschrijdende deel, alleen wanneer het door het Nationaal Sociale Zekerheidsorgaan INPS uitgekeerde ouderdomspensioen hoger is dan de lijfrente-inkomsten uit ongeval uitgekeerd door het Nationaal Orgaan voor de Verzekering tegen Arbeidsongevallen INAIL.

Fiscale behandeling
Uitkeringen belastbaar mits ten behoeve van een blijvende derving van inkomsten uit arbeid
De door het Nationaal Orgaan voor de Verzekering tegen Arbeidsongevallen INAIL gestorte uitkering bij tijdelijke ongeschiktheid is fiscaal belastbaar.